Koen

Snel. Zo ontzettend snel was het voorbij. Twee maanden na de diagnose van jouw hersentumor droeg ik jou met Dré, mijn zwager, door de kamer naar de gang waar de brancard van de lijkwagen stond. Door het huis waar Anneloes en ik met jou en mama zijn opgegroeid. Het huis waar zoveel mooie dingen zijn gebeurd. Vriendschappen voor het leven zijn ontstaan, relaties begonnen en ook weer uitgegaan. Liedjes zijn geschreven, en vaak (soms ook te vaak) het glas werd geheven.

Geleefd, dat zeker. Maar het voelt zo fucking oneerlijk want je was nog lang niet klaar. Dit was wat er in de dagen naar de uitvaart continu door mijn hoofd ging. Het is één grote waas. Dat er op een gegeven moment aan me werd gevraagd wat voor bloemen er moesten komen. Weet ik veel. Hij had helemaal niks met bloemen. Kist? Wat voor kist? Weet ik veel! Ik heb er niks aan en hij al helemaal niet. Hetgeen wat me wel is bijgebleven is dat Marieke vroeg of mijn vrienden de kist wilde dragen. En dat deed me op dat moment wat.

Ons thuis was een honk, een thuishonk. Niet alleen voor ons; Jorn, Lars, Rikkert, Tim, kwamen altijd via de achterdeur naar binnen en dan klonk het door de huiskamer: “HEEEEY PETERTJEEEE!” En jij reageerde dan met je diepe lage stem: “HEEEY JONGONSSS!”. Biertje, of in jouw geval een Radler erbij en dan ging er een filmpje aan. Iedereen was altijd welkom.

Tijdens de uitvaart heb ik niks gezegd. Ik voelde daar toen niks voor. Maar ik wilde je wel bedanken. Voor je gastvrijheid, je nuchterheid, de warmte en de kalmte die jij zo van nature in je had. Hierdoor mij ook de vrijheid gaf om me te ontwikkelen. Te kunnen zijn wie ik was en nu geworden ben. Alles mocht en alles kon. Als de buurman maar niet kwam klagen.

Ik kon en kan nog steeds heel goed emoties wegstoppen door maar bezig te blijven. Op het moment dat ik stopte begon ik te voelen en dat deed pijn. Wel weet ik nu dat dat er mag zijn en dat iedereen anders met rouw omgaat. Het verliezen van mijn vader voelde als onwaar. Tijdens zijn sterfbed en de weken na zijn dood waren (ook letterlijk) een nachtmerrie. Wel heb ik geleerd dat zijn dood niet zijn einde is. Hij leeft voort in ons, in wat hij ons heeft geleerd en wat hij heeft gemaakt. Het mooie daarvan is, is dat ik dat nog elke dag om me heen zie.

Op deze manier houden we jou ook nog bij ons. De mega-bqq’s die we hielden in de feestweek en alle mooie dagen van het jaar houden we nu nog steeds. En dan proosten we even op je. Maar we maken het niet te laat, want dan wordt de buurman boos ;).